Beheer- en onderhoudsvisie watergangen 2050

Waterschap Groot Salland heeft in 2008 de Beheer- en onderhoudsvisie watergangen 2050 (B&O visie) vastgesteld. Volgens deze visie wordt de onderhoudsinrichting in het landelijk gebied aangepast: onderhoudsroutes geschikt voor breedspoor en rasters op de juiste plaats plaatsen. Zodra de route is aangepast, deponeert het waterschap het maaisel uit de watergang niet meer in het talud, maar in de onderhoudsroute, conform ons onderhoudsbeleid. Hierbij is rekening gehouden met het actuele beleid voor waterkwaliteit en waterkwantiteit. Download de Beheer- en onderhoudsvisie watergangen 2050 of lees hierover meer in onze agrarische nieuwsbrief nummer 9.

 

Voor aangelanden heeft de uitvoering van de visie gevolgen voor wat betreft de ontvangst van maaisel uit de hoofdwatergangen die in beheer en onderhoud zijn bij het waterschap. Mogelijk zal de onderhoudsroute die het waterschap nu gebruikt, worden aangepast en deponeert het waterschap het maaisel op een andere locatie langs de watergang.

Standaard werkwijze bij onderhoud

Het waterschap maakt voor het onderhoud volgens de Beheer- en onderhoudsvisie gebruik van een vijf meter brede strook land langs de watergang. Over deze onderhoudsroute rijdt de machine die het onderhoud van de watergang uitvoert. Deze strook land wordt ook gebruikt om het maaisel in te deponeren. De onderhoudsroute ligt aan beide zijden van de watergang of indien dat onwenselijk of praktisch onhaalbaar, aan één zijde.

Vier mogelijke onderhoudsinrichtingen

De onderhoudsstrook land kent volgens de Beheer- en onderhoudsvisie watergangen 2050 vier verschillende privaatrechtelijke vormen verschillende onderhoudsinrichtingen. Het waterschap bepaalt de onderhoudsinrichting op basis van de voorkeur van de aangelanden aan de watergang en de ruimte die er is om het onderhoud uit te kunnen voeren. 

Optie A Dubbelzijdig:   De afrastering wordt geplaatst op 0,30 meter van de insteek, waarbij het maaisel aan twee zijden van de hoofdwatergang binnen een 5 meter brede strook in het land wordt gedeponeerd op basis van beperkt medegebruik zonder vergoeding. Per jaar wisselt de zijde die het maaisel ontvangt. Bij deze variant verwerkt de aangeland zelf het maaisel.

figuur optie a - bewerkt

 

Optie B Enkelzijdig beperkt medegebruik:   De afrastering wordt geplaatst op 0,30 meter van de insteek, waarbij het maaisel aan één zijde van de hoofdwatergang binnen een 5 meter brede strook in het land wordt gedeponeerd. De aangeland verwerkt zelf het maaisel op basis van beperkt medegebruik.

figuur optie b - bewerkt

 

 

Het waterschap keert een vergoeding voor gewasderving uit op basis van onderstaande tabel:

Tabel: vergoeding gewasderving

Vergoeding gewasderving

  Gewas

 Vergoeding* (euro's/ha/jr.)
 Gras, rogge en haver 

 573,91

 Snijmaïs, gerst en tarwe

 789,47

 Consumptieaardappelen, zetmeelaardappelen en suikerbieten

 1.163,27

* Vergoeding is gebaseerd op 5 meter brede onderhoudsroute; prijspeil 2011

 

Optie C enkelzijdig volledig medegebruik:   Een 4 of 5 meter brede onderhoudsstrook langs één zijde van de hoofdwatergang (afrastering op 4 of 5 meter van de insteek) op basis van volledig medegebruik met vergoeding.

figuur optie c - bewerkt

De aangeland blijft eigenaar van de grond, terwijl het waterschap gebruik maakt van de onderhoudsstrook en het maaisel hierop verwerkt. Beweiding op deze strook is niet toegestaan. Wel kan deze strook worden gemaaid voor gewaswinning. De vergoeding van € 1.100,00/ha/jaar wordt via een eenmalige afkoop van de contante waarde over 40 jaar uitgekeerd en een erfdienstbaarheid of kwalitatieve verplichting wordt vastgelegd bij het kadaster.

Optie D onderhoudspad eigendom WGS:   Verkoop aan het waterschap van 4 of 5 meter brede onderhoudspaden langs één zijde van de hoofdwatergang. Waterschap Groot Salland is eigenaar van de grond en verwerkt het maaisel erop.

figuur optie d - bewerkt

 

Deze varianten gelden voor het reguliere onderhoud van hoofdwatergangen. Het onderhoud van natuurvriendelijke oevers en waterbergingen vindt minder frequent plaats en wordt uitgevoerd vanuit de berging zelf of vanuit het aangrenzende perceel. Het maaisel wordt door het waterschap afgevoerd.

Geleidelijke invoering van de visie

De invoering van de visie vindt plaats op de volgende twee manieren:

1.   Binnen de ' Ruimte om te leven met water'  projecten, waarin het watersysteem een andere inrichting krijgt.  De uitvoering van deze projecten vindt plaats tot 2050.

 

2.   In deelgebieden waarbij het watersysteem niet wordt gewijzigd. De deelgebieden zijn weergegeven op de overzichtskaart inrichtingseenheden.

Voor meer informatie, zie ook onze agrarische nieuwsbrief nummer 11.

De invoering vindt gefaseerd plaats in de periode 2010-2016.

U kunt daarnaast een (gezamenlijk) verzoek bij ons indienen indien u en (indien van toepassing) andere aanliggende gebruikers van een hoofdwatergangen het wenselijk vinden om de invoering van de visie vervroegd te laten plaatsvinden. Dit kan onder de volgende voorwaarden:

Alle aanliggende gebruikers van een (deel van) de hoofdwatergang hebben voorkeur voor dezelfde keuzemogelijkheden (optie A, B, C of D)

  • Invoering van visie vindt niet voor 2015 plaats binnen het programma ' Ruimte om te leven met water'  
  • De watergang ligt niet in een deelgebied waar de invoering van de visie in de periode 2009-2016 plaatsvindt. 
  • De hoofdwatergang ligt niet langs een openbare weg

Het invoeringstraject

In 2009 is Waterschap Groot Salland gestart met de invoering of implementatie van de Beheer- en onderhoudsvisie in het landelijk gebied. De invoering gebeurt per deelgebied in stapjes. Eerst wordt de gewenste onderhoudsroute in een deelgebied bepaald en voorgesteld aan de aangelande. Op basis van de voorkeur van de aangelande en de ruimtelijke (on)mogelijkheden bepaald het waterschap de nieuwe onderhoudsinrichting. Indien nodig past het waterschap de onderhoudsinrichting aan, om de route met breedspoormaterieel te kunnen gebruiken.De werkzaamheden bestaan uit het aanleggen of verbreden van dammen met duikers en het verplaatsen/vervangen van rasters en hekwerken. Daarnaast vergraaft het waterschap de smalspoorpaden, als die aanwezig zijn en bovendien voor het onderhoud niet meer nodig zijn, om het watersysteem duurzamer in te richten. Zodra de werkzaamheden gereed zijn, voert het waterschap het onderhoud binnen de aangepaste onderhoudsroute uit.

Voortgang en planning implementatie in de deelgebieden

 

De definiëring van de onderhoudsinrichting is in voorbereiding:

  • Staphorst: eind 2012/ begin 2013
  • Punthorst: eind 2012/ begin 2013
  • Mastenbroek-West: planning nog niet bekend
  • Mastenbroek-Midden: planning nog niet bekend
  • Mastenbroek-Oost: planning nog niet bekend
  • Nieuwleusen-West: planning nog niet bekend
  • Nieuweusen-Oost: planning nog niet bekend
  • Groote Grift: planning nog niet bekend
  • Ommerveld: planning nog niet bekend

     

De onderhoudsinrichting is bepaald in de onderstaande gebieden. De kaarten met daarop de onderhoudsroutesvindt u bij de downloads aan de rechterzijde.

  • Zalk
  • Kamperveen/Onderdijkse Polder
  • Haatland
  • Dronthen/Broek en Maten
  • Kampereiland Noord-West
  • Kampereiland Zuid-Oost
  • Mandjeswaard/Pieper/Zuiderzeepolder
  • Rouveen
  • Dalmsholte
  • Vechterweerd

 

De werkzaamheden voor aanpassing van de onderhoudsinrichting zijn in uitvoering:

  • Zalk: in uitvoering.
  • Kamperveen/Onderdijkse Polder: in uitvoering,
  • Haatland: verwachte start werkzaamheden medio februari 2012
  • Dronthen/Broeken en Maten: verwachte start werkzaamheden medio februari 2012
  • Kampereiland Noord-West: verwachte start werkzaamheden medio maart 2012
  • Kampereiland Zuid-Oost: verwachte start werkzaamheden medio maart 2012
  • Mandjeswaard/Pieper/Zuiderzeepolder: verwachte start werkzaamheden medio april 2012
  • Rouveen: verwachte start werkzaamheden medio september 2012

 

De onderhoudsinrichting is gereed:

  • Vechterweerd.