Groot onderhoud

Om voldoende af- en aanvoer van water te kunnen waarborgen en een goede waterkwaliteit te kunnen realiseren, is regelmatig groot onderhoud van watergangen noodzakelijk. In de Keur van het waterschap is bepaald wie verantwoordelijk is voor het onderhoud: het waterschap zelf of anderen, zoals bijvoorbeeld aan de watergang grenzende eigenaren of gebruikers (aangelanden). Ook de gemeente, het rijk of de provincie kunnen onderhoudsplichtig zijn. Het onderhoud kan inhouden dat alleen de aanwezige waterplanten hoeven te worden verwijderd (schonen). Het kan ook inhouden dat de watergang te ondiep is geworden en het slib van de bodem moet worden verwijderd (baggeren). De minimale afmetingen voor een watergang zijn vastgelegd door het waterschap

Ontvangstplicht en verwerking onderhoudsspecie

In de Keur van het Waterschap Groot Salland staat dat er voor de eigenaren van percelen die grenzen aan watergangen, een ontvangstplicht geldt. De ontvangstplicht geldt voor onderhoudsspecie en al het overige materiaal, waaronder maaisel. Onderhoudsspecie is de bagger die wordt verwijderd om de watergang op de voorgeschreven afmetingen te houden. Ook als er bijvoorbeeld een weg ligt tussen de watergang en een perceel, is de ontvangstplicht voor dat perceel van toepassing. De ontvangstplichtige moet het vrijgekomen materiaal zodanig verwerken (verspreiden of afvoeren) dat het materiaal niet meer in de watergang terecht kan komen en niet in de weg blijft liggen.

Toetsing voorafgaand aan onderhoudswerkzaamheden

Voorafgaand aan baggeronderhoudswerkzaamheden onderzoekt en toetst het waterschap de waterbodemkwaliteit in zogenoemde 'verdachte' gebieden.
Onderzoek gebeurt volgens de landelijke methode en normen. Verdachte gebieden zijn de bebouwde gebieden en de locaties waar in het verleden matig tot sterk verontreinigd slib is aangetroffen. Ook locaties waar lozingen kunnen voorkomen en locaties langs drukke (vaar)wegen worden als verdacht aangemerkt.
De overige (landelijke) gebieden zijn 'onverdacht', hier kan onderhoudsbagger zónder onderzoek op de aangrenzende percelen worden verspreid.
Baggerspecie uit een traject binnen 500 meter stroomafwaarts van een riooloverstort (of bij onduidelijke stromingsrichting 250 meter aan weerszijden van de riooloverstort), mag niet met vee  in aanraking komen. Dit kan worden gerealiseerd door of de bagger en het maaisel af te voeren dan wel verspreiden op schouwpad of wegberm. 
Het waterschap streeft naar optimaal hergebruik van baggerspecie. Als verspreiding op aangrenzende percelen niet mogelijk is, wordt de baggerspecie zo veel mogelijk elders rechtstreeks als bodem toegepast. Is dit niet mogelijk, dan wordt de baggerspecie aangeboden aan een verwerker, grondbank of stortplaats.

Voor de verspreiding van baggerspecie gelden drie kwaliteitsklassen (Bbk):
- Overal verspreidbaar (schoon)
- Verspreidbaar op aangrenzende percelen (licht verontreinigd)
- Niet verspreidbaar (matig tot sterk verontreinigd).

De niet verontreinigde of 'vrij verspreidbare baggerspecie' mag desgewenst overal op de bodem worden verspreid.

De 'verspreidbare baggerspecie' mag alleen op de aan de watergang grenzende percelen worden verspreid. Dit perceel hoeft niet direct aan het te baggeren traject te grenzen maar kan ook stroomopwaarts of stroomafwaarts langs de betreffende watergang liggen (in dat geval is de ontvangstplicht niet meer van toepassing). Indien het perceel te smal is om de onderhoudsspecie te kunnen bergen mag deze over het perceel daarachter worden verspreid.

De 'niet verspreidbare baggerspecie' mag niet op de bodem worden verspreid. Afhankelijk van de mate van verontreiniging dient deze baggerspecie te worden afgevoerd naar een stortpaats of een verwerker of op andere wijze te worden toegepast op de bodem of de waterbodem.

Beleid Waterschap Groot Salland

vindt u op de pagina Beleid: waterbeheersplan en in onze regelingenbank: Regeling Bodemkwaliteit (bij het besluit Bodemkwaliteit)

Uitvoering van onderzoek


In sommige watergangen kan de baggerspecie verontreinigd zijn. Uit onderzoek van het waterschap is gebleken welke watergangen ‘verdacht’ en welke ‘onverdacht’ zijn. Verdachte watergangen zijn ondermeer alle watergangen waarop zich lozingspunten, zoals riooloverstorten of regenwateruitlaten bevinden. Ook de grote watergangen en de watergangen waar drukke verkeerswegen langs liggen zijn verdacht. In verdachte watergangen wordt, in een periode van maximaal twee jaar voorafgaande aan de baggerwerkzaamheden, de onderhoudsspecie minimaal onderzocht op het wettelijke analysepakket. De kwaliteitsgegevens zijn in te zien bij het waterschap (en te raadplegen via de website). Het waterschap doet normaal gesproken geen onderzoek in onverdachte watergangen. De onderhoudsspecie uit deze watergangen moet dan wel worden verspreid op het aangrenzende perceel. Als u van de onderhoudsspecie in een onverdacht gebied toch de kwaliteit wilt weten, moet u dit tijdig (minimaal twee maanden voor uitvoering) doorgeven aan het waterschap. De kosten van het onderzoek van onverdachte onderhoudsspecie komen voor rekening van degene die het verzoek heeft ingediend, tenzij het tegen de verwachting in toch onderhoudsspecie niet verspreidbaar blijkt te zijn.

Verspreiding van onderhoudsspecie
Nadat de onderhoudsspecie op de kant is gezet, moet deze binnen enkele maanden gelijkmatig worden verspreid. In het geval dat het Waterschap Groot Salland onderhoudsplichtig is, verspreidt het waterschap de onderhoudsspecie in principe in eigen beheer. Als aangeland kunt u echter deze onderhoudsspecie ook zelf verspreiden. U ontvangt dan hiervoor een onkostenvergoeding, zoals aangegeven in onderstand rekenvoorbeeld. Wanneer u dit wenst, kunt u contact opnemen met een van de medewerkers van het districtskantoor in uw regio.

Vergoedingsregelingen

Wanneer u wilt weten hoe u in aanmerking komt voor vergoedingsregelingen, dan raden wij u aan contact op te nemen met uw districtskantoor. (zie rechterbalk)

peilschaal

Vier districten

In West-Overijssel is het Waterschap Groot Salland actief als all-in waterschap. Dit betekent dat het waterschap in dit gebied verantwoordelijk is voor het beheer van het waterpeil, het kwaliteitsbeheer van het oppervlaktewater en het beheer van waterkeringen. Het waterschap heeft zijn gebied ingedeeld in vier districten. De districtskantoren zijn gevestigd in Grafhorst, Rouveen, Laag Zuthem en Broekland.

Contact

Met ons

Download de baggerfolder (pdf) , of neem contact op met de heer Arjan Verhoeff, beleidsmedewerker waterbodems op de afdeling Ecologie en Kwaliteit. Telefoon 038 4557323; email: averhoeff@wgs.nl